Update FATF-waarschuwingslijsten juni 2026
23 juni 2026
Nieuwsbericht toezicht
FATF heeft een update van haar ‘grijze’ en ‘zwarte’ lijsten gepubliceerd.
Lees meer Update FATF-waarschuwingslijsten juni 2026Bij wijziging van de pensioenregeling om te voldoen aan de Wet toekomst pensioenen doorlopen vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers (de sociale partners) en het pensioenfonds een besluitvormingsproces. Sociale partners maken afspraken over het wijzigen van de pensioenregeling (waaronder de keuze uit de solidaire of de flexibele premieregeling), over het al dan niet invaren van de bestaande pensioenaanspraken en pensioenrechten in de nieuwe pensioenregeling en over compensatie.
Gepubliceerd: 29 juni 2023
Laatste update: 18 juni 2025
Sociale partners leggen hun keuzes, overwegingen en berekeningen die ten grondslag liggen aan deze afspraken en de verantwoording waarom sprake is van een evenwichtige transitie schriftelijk vast in een transitieplan. Het transitieplan bevat de transitie-effecten van de wijziging van de pensioenovereenkomst en van de wijze waarop wordt omgegaan met opgebouwde pensioenaanspraken en pensioenrechten voor deelnemers, gewezen deelnemers, gewezen partners en pensioengerechtigden berekend per leeftijdscohort. De transitie-effecten worden in ieder geval berekend met netto-profijt-berekeningen (in veel gevallen bij wijziging van een bestaande premieregeling met bruto-profijt-berekeningen) en met pensioenverwachting op basis van scenario’s. Sociale partners kunnen bij de verantwoording van de evenwichtigheid aanvullend nog additionele analyses gebruiken.
Sociale partners geven het pensioenfonds vervolgens aan de hand van het transitieplan de opdracht tot uitvoering van de nieuwe pensioenregeling, inclusief een eventueel verzoek tot invaren. De pensioenuitvoerder stelt het transitieplan op zijn website beschikbaar voor de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner en pensioengerechtigde.
Voorafgaand aan de formele opdrachtaanvaarding draagt het bestuur van een pensioenfonds na overleg met de overige organen van het pensioenfonds zorg voor de vastlegging van de risicohouding en van de doelstellingen en beleidsuitgangspunten van het pensioenfonds. Het bestuur toetst bij de opdrachtaanvaarding aan de vastgelegde doelstellingen en beleidsuitgangspunten van het pensioenfonds en de risicohouding. In artikel 115, dertiende lid Pensioenwet (Pw) is opgenomen dat als een leeftijdscohort is ondervertegenwoordigd in het verantwoordingsorgaan, pensioenfondsen bij het uitvragen van de risicohouding de leden van dit leeftijdscohort dat ondervertegenwoordigd is in het verantwoordingsorgaan actief vragen zich aan te melden voor het verantwoordingsorgaan. Deze norm geldt met ingang van de inwerkingtreding van de Wet toekomst Pensioenen en heeft geen terugwerkende kracht.
Het pensioenfonds betrekt het transitieplan van sociale partners bij de eigen besluitvorming over de opdrachtaanvaarding en het eventuele verzoek tot invaren. Het pensioenfonds hoeft het transitieplan – in het kader van de opdrachtaanvaarding – niet formeel te accepteren, het is een informatiebron voor de opdrachtaanvaarding.
Een pensioenfonds legt in het implementatieplan vast hoe invulling zal worden gegeven aan de uitvoering van de gewijzigde pensioenovereenkomst, waaronder de wijze waarop zal worden omgegaan met opgebouwde pensioenaanspraken en -rechten. Ten slotte informeert het pensioenfonds de sociale partners over de opdrachtaanvaarding door middel van de opdrachtbevestiging.
Voor een beheerste en evenwichtige transitie is het belangrijk dat sociale partners en pensioenfonds voorafgaand aan het opstellen van een transitieplan en implementatieplan afspraken maken die robuust zijn voor financiële en economische ontwikkelingen in de tussenliggende periode (zogenaamde ‘complete’ besluitvorming). Zonder dergelijke afspraken bestaat het risico dat op het latere moment van de feitelijke transitie nadere besluitvorming nodig is om de transitie uit te voeren. Deze complete besluitvorming wordt in zowel het transitieplan als het implementatieplan opgenomen.
Bij de opdrachtaanvaarding beoordeelt het pensioenfonds, aan de hand van de gewijzigde pensioenovereenkomst en het transitieplan, of het de pensioenregeling en het eventuele invaarverzoek kan uitvoeren met inachtneming van toepasselijke wet- en regelgeving, waaronder de evenwichtige belangenafweging en de beheerste en integere bedrijfsvoering. Bij deze beoordeling maakt het pensioenfonds ook gebruik van het implementatieplan waarin onder meer wordt ingegaan op de technische uitvoerbaarheid en de risicobeheersmaatregelen die worden getroffen in verband met de uitvoering van de pensioenovereenkomst.
De organen van een pensioenfonds gebruiken de doelstellingen en beleidsuitgangspunten waaronder de risicohouding bij de toetsing van de opdrachtaanvaarding en bij de besluitvorming, de verantwoording, de advisering en het toezicht binnen het pensioenfonds.
Een uitgangspunt van de Wet toekomst pensioenen is het ‘standaard invaarpad’: de nieuwe pensioenopbouw en de tot aan het transitiemoment opgebouwde pensioenaanspraken en -rechten worden zo veel mogelijk bij elkaar gehouden in één pensioenregeling bij het pensioenfonds. Voor de waardering van pensioenaanspraken en pensioenrechten bij een collectieve waardeoverdracht als bedoeld in artikel 150m Pw en het aanwenden van het vermogen maakt een pensioenfonds op grond van artikel 150n, eerste lid Pw gebruik van de standaardmethode of de vba-methode indien deze vba-methode beter de bijzondere kenmerken van de pensioenregeling en het pensioenfonds modelleert en het pensioenfonds het toepassen van de vba-methode onderbouwt in het implementatieplan.
Artikel 150l Pw voorziet in twee scenario’s om af te wijken van het ‘standaard invaarpad’:
Verantwoordingsorgaan
Het pensioenfonds stelt op grond van artikel 150m, vierde lid Pw, het verantwoordingsorgaan in de gelegenheid advies uit te brengen over het voorgenomen invaarbesluit. Het advies van het verantwoordingsorgaan wordt op een zodanig tijdstip gevraagd dat het van wezenlijke invloed kan zijn op het besluit. Bij het vragen van advies wordt aan het verantwoordingsorgaan een overzicht verstrekt van de beweegredenen voor het besluit en van de gevolgen die het besluit naar verwachting zal hebben voor de deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden. Het pensioenfonds verstrekt het verantwoordingsorgaan op grond van artikel 46b, tweede lid Besluit uitvoering Pw en Wvb ook ten minste de volgende informatie:
Als het verantwoordingsorgaan (of een geleding binnen het verantwoordingsorgaan) negatief adviseert over het voorgenomen invaarbesluit, dan informeert het pensioenfonds op grond van artikel 150m, vijfde lid Pw de sociale partners die het verzoek tot collectieve waardeoverdracht hebben gedaan hierover en vraagt de sociale partners het verzoek tot waardeoverdracht te heroverwegen met inachtneming van het advies van het verantwoordingsorgaan (of een geleding van het verantwoordingsorgaan). De sociale partners onderbouwen het resultaat van hun heroverweging. In het verantwoordingsorgaan zitten vertegenwoordigers van deelnemers en pensioengerechtigden (artikel 115 Pw), dat zijn in ieder geval geledingen. Vertegenwoordigers van gewezen deelnemers (artikel 115, vierde lid Pw) en/of de werkgever (artikel 115, tweede lid Pw) kunnen zitting hebben in het verantwoordingsorgaan en kunnen dan ook als geleding aangemerkt worden.
Belanghebbendenorgaan
Het pensioenfonds heeft op grond van artikel 150m, zesde lid Pw de goedkeuring nodig van het belanghebbendenorgaan voor elk voorgenomen besluit met betrekking tot invaren. De informatieverstrekking aan het belanghebbendenorgaan is hetzelfde als hiervoor beschreven voor het verantwoordingsorgaan.
Intern toezicht
Op grond van artikel 150m, derde lid Pw houdt het intern toezicht bij een pensioenfonds toezicht op het invaren en legt hierover verantwoording af in het bestuursverslag. In aanvulling daarop heeft het pensioenfonds op grond van artikel 150m, zevende lid Pw de goedkeuring nodig van de raad van toezicht voor elk voorgenomen besluit met betrekking tot invaren. De informatieverstrekking aan de raad van toezicht is hetzelfde als hiervoor beschreven voor het verantwoordingsorgaan. Aan het intern toezicht wordt daarnaast, op grond van artikel 46b, derde lid Besluit uitvoering Pw en Wvb het advies van het verantwoordingsorgaan of de reactie van het belanghebbendenorgaan op het verzoek tot goedkeuring verstrekt.
Het pensioenfonds dient het implementatieplan in bij DNB binnen twee weken nadat het plan door het bestuur is vastgesteld (artikel 150i, vijfde lid Pw). Het communicatieplan is onderdeel van het implementatieplan, maar wordt door het pensioenfonds niet bij DNB maar rechtstreeks bij de AFM ingediend (artikel 46, zesde lid en artikel 46a, vijfde lid Besluit uitvoering Pw en Wvb). De AFM is de toezichthouder op het communicatieplan.
Het implementatieplan wordt uiterlijk twaalf maanden vóór de beoogde ingangsdatum van de uitvoering van de gewijzigde pensioenovereenkomst ingediend bij DNB (artikel 150c, eerste lid, Pw en artikel 51b, eerste lid, onderdeel a, Besluit uitvoering Pw en Wvb).
Het (eventuele) invaarbesluit wordt gelijktijdig met het implementatieplan (als onderdeel van de invaarmelding) ingediend bij DNB (artikel 4 Regeling melden interne collectieve waardeoverdracht pensioenfondsen bij transitie). Zie ook Melding beoogde interne collectieve waardeoverdracht (invaarmelding) als bedoeld in artikel 150m Pensioenwet.
Voor pensioenfondsen die uiterlijk op 1 juli 2026 overgaan op de uitvoering van een gewijzigde pensioenovereenkomst geldt een overgangsbepaling. In dat geval wordt het implementatieplan en het (eventuele) invaarbesluit uiterlijk op 1 juli 2025 ingediend bij DNB.
Voor de status van deze beleidsuiting en uitleg daarover kunt u de leeswijzer beleidsuitingen DNB raadplegen.
23 juni 2026
Nieuwsbericht toezicht
FATF heeft een update van haar ‘grijze’ en ‘zwarte’ lijsten gepubliceerd.
Lees meer Update FATF-waarschuwingslijsten juni 2026
23 juni 2026
22 juni 2026
Nieuwsbericht toezicht
Deze week ontvangt u mogelijk een mail van DNB. Deze mail gaat over technische aanpassingen die nodig zijn om te kunnen blijven mailen met DNB.
Lees meer DNB-mail over technische aanpassingen
22 juni 2026
02 juni 2026
Nieuwsbericht toezicht
DNB heeft een nieuwe beleidsuiting gepubliceerd over het melden van een collectieve waardeoverdracht (CWO) bij DNB na invaren. In dit nieuwsbericht leest u over de nieuwe beleidsuiting.
Lees meer TRANSITIENIEUWS – Nieuwe Q&A over het melden van een collectieve waardeoverdracht bij DNB na invaren
02 juni 2026
05 mei 2026
Nieuwsbericht toezicht
Het Eurosysteem heeft beleidsvoorstellen gepubliceerd om het macroprudentiële toezicht op de sector voor niet bancaire financiële intermediatie (NBFI) te versterken. Met deze voorstellen wil het Eurosysteem beter zicht krijgen op risico’s voor de financiële stabiliteit en deze effectiever aanpakken.
Lees meer Eurosysteem presenteert voorstellen voor versterking macroprudentieel toezicht op niet bancaire financiële sector
05 mei 2026
Om de gebruiksvriendelijkheid van onze website te optimaliseren, maken wij gebruik van cookies.
Lees meer over de cookies die wij gebruiken en de gegevens die we daarmee verzamelen in onze cookie-policy.