Verouderde browser

U gebruikt een verouderde browser. DNB.nl werkt het beste met:

15 november 2022 Algemeen
Olaf Sleijpen

“Op basis van de data die nú al beschikbaar zijn, is het mogelijk om een redelijk gedetailleerd oordeel te vormen over de carbon footprint van de financiële sector. Zowel op macroniveau als voor de eigen portefeuille. Hiermee kun je dus al aan de slag.”

Hiertoe riep Olaf Sleijpen op tijdens het Netspar Bestuurdersdiner op 15 november 2022. In het vervolg van zijn speech lichtte hij onder meer de DNB-gids toe waarin handvatten staan om klimaat- en milieurisico’s te beheren.

Datum: 15 november 2022
Spreker: Olaf Sleijpen
Locatie: Bestuurdersdiner Netspar, Den Haag

Goedenavond iedereen.

Het is fijn om hier te zijn en jullie allen te zien. Met een jaar vertraging kan dit diner dan toch plaatsvinden.

En wát een jaar. Jeetje. Oorlog in Europa. Een enorme energiecrisis. En de hoogste inflatie in decennia. En dit zijn de crises waar je elke dag over leest of hoort. Je zou hierdoor een minder zichtbare crisis, zoals de klimaatcrisis, bijna uit het oog verliezen. Toch vergt ook deze crisis een urgente aanpak. Ook door ons: jullie, de pensioenfondsen en verzekeraars, en DNB.

De laatste jaren hebben pensioenfondsen en toezichthouders steeds meer oog voor ESG. Zo weren een aantal fondsen beleggingen in tabak, controversiële wapens of bedrijven die kinderarbeid inzetten; zijn er fondsen die de doelstellingen van het Parijs-akkoord in hun strategie opnemen; en zijn er pensioenfondsen en verzekeraars die de CO2-voetafdruk van hun portefeuilles meten om daar reductiedoelstellingen aan te koppelen.

Maar ik zie ook andere zaken.

Bijvoorbeeld dat slechts iets minder dan de helft van de pensioenfondsen en een vijfde van de verzekeraars fysieke en transitierisico’s op het netvlies heeft.

Of dat fondsen nog een gezamenlijke blootstelling hebben van ruim 16 miljard euro aan aandelen en bedrijfsobligaties in bedrijven met een op kolen gebaseerd bedrijfsmodel. En steenkool is de meest vervuilende fossiele brandstof. In die blootstelling schuilt een groot transitierisico.

Of dat pensioenfondsen en verzekeraars in hun kwantitatieve analyse veel gebruikmaken van ESG-scores van externe dataleveranciers. Maar die ESG-scores zijn een verzamelterm en variëren sterk in kwaliteit en bruikbaarheid. Deze scores gebruiken zonder goed te kijken naar de meetmethode, of zonder criteria voor onderliggende indicatoren, geeft geen goed beeld van de duurzaamheidsrisico's die je als instelling loopt. Beter is het om de duurzaamheidsrisico's in kaart te brengen en te monitoren aan de hand van vastgestelde risico-indicatoren.

Ik zie dus zaken de goede kant opgaan, maar ook terreinen waar nog veel werk ligt. DNB wil hier mede-aanjager zijn van stappen in de goede richting.

In een recente DNB-publicatie, “Op weg naar een duurzame balans”, brachten we per activaklasse zo compleet mogelijk de gefinancierde CO2-voetafdruk van banken, pensioenfondsen en verzekeraars in kaart. We keken hierbij naar de CO2-intensieve bedrijven in de portefeuilles van financiële instellingen. En daarbij brachten we in kaart hoe hun plannen zich verhouden tot het transitiepad dat nodig is om te voldoen aan het VN-Klimaatakkoord. Daaruit blijkt onder meer dat veel bedrijven waar Nederlandse pensioenfondsen in beleggen, achterblijven bij het transitiescenario dat consistent is met de Parijs-doelstellingen. Daarmee financieren de fondsen dus een economie die de Parijs-doelen niet haalt.

Op basis van de data die nú al beschikbaar zijn, is het dus wél mogelijk om een redelijk gedetailleerd oordeel te vormen over de carbon footprint van de financiële sector. Zowel op macroniveau als voor jullie eigen portefeuille. Hiermee kun je dus al aan de slag.

Dat is wat we bij DNB zelf ook doen. In ons eigen reservebeheer hebben we ervoor gekozen om in onze portefeuille niet te sturen op hoge ESG-scores, omdat we de informatiewaarde van één enkele score te beperkt vinden. In plaats daarvan selecteren we managers die ESG-factoren integraal meenemen in de fundamentele analyse van bedrijven. We proberen dit concept ook stap voor stap toe te passen in onze intern beheerde beleggingen. Verder willen we volgend jaar een eerste portefeuille lanceren waarbij de externe manager niet alleen wordt beoordeeld op financiële performance, maar ook op de realisatie van een Paris-aligned CO2-reductiedoelstelling.

Het is ook voor ons best een uitdaging om dit goed vorm te geven, omdat data niet consistent zijn en er verschillende manieren zijn waarop je de CO2-uitstoot van beleggingen kunt meten. Maar we zijn wél aan de slag gegaan.

Eind vorig jaar, bij de persconferentie over de publicatie van “Op weg naar een duurzame balans”, kondigden we ook aan met handvatten te komen om klimaat- en milieurisico’s te beheren. Die handvatten verzamelden we in een gids.

Concreet staan in deze gids aandachtspunten voor instellingen bij de formulering van hun strategie, de inrichting van hun governance en risicobeheer, en bij het verstrekken van informatie. Ook staan er good practices in – als voorbeeld van concrete invullingen van die aandachtspunten.

Momenteel ligt deze gids voor ter consultatie. Ik moedig iedereen dan ook aan om te reageren op de consultatie.

Naast de gids gaan we in de eerst helft van 2023 ook verder onderzoek doen naar de beheersing van klimaat- en milieurisico’s bij een selectie van instellingen. De impact van deze risico’s verschilt immers per type instelling, afhankelijk van de mate van blootstelling eraan – en daar willen we een beter zicht op krijgen.

Met de gids en het onderzoek werken we stapsgewijs aan verankering van klimaat- en milieurisico’s in onze eigen toezichtaanpak. Dit moet ertoe leiden dat toezichthouders straks een beeld hebben van de ESG risico’s bij de instellingen.

Bij het bepalen van een risicoprofiel komen uiteraard ook indicatoren kijken. Om een eerste beeld te krijgen van de risico’s, gaan we kijken naar de CO2-voetafdruk, gewogen CO2-intensiteit, exposure op sectoren gevoelig voor transitierisico’s, en exposure op fossiele bedrijven.

Uiteindelijk is het ons te doen om de mate waarin klimaat- en milieurisico’s impact hebben op de financiële en niet-financiële risico’s van een instelling en hun bestendigheid kunnen beïnvloeden. Daarom zullen we de risico-indicatoren uiteindelijk ook vertalen naar markt-, krediet en/of liquiditeitsrisico’s.

Ook op internationaal niveau wordt intussen hard gewerkt om duurzaamheidsrisico’s beter te kunnen beheren.

Zo werkt het IFRS aan een International Sustainability Standards Board. Zodat er een geharmoniseerde standaard voor duurzaamheid-gerelateerde rapportages komt en we dus betrouwbare en vergelijkbare data krijgen. Verschillende Nederlandse pensioenfondsen, en ook DNB, spraken zich al uit over het grote belang hiervan.

Op het vlak van wet- en regelgeving gebeurt ook wat. Sinds augustus van dit jaar moeten Europese verzekeraars en herverzekeraars de potentiële lange termijn impact van hun beleggingsstrategie op duurzaamheidsfactoren meenemen. Dit als onderdeel van de prudent persoon regel onder Solvency II.

Eerder dit jaar publiceerde de Europese Commissie ook een Call for Advice over de herziening van de IORP II richtlijn. Aan EIOPA wordt gevraagd om te onderzoeken hoe de fiduciaire verplichtingen en de stewardship rol van pensioenfondsen versterkt zouden kunnen worden. Wat dit concreet aan beleidsinitiatieven voor pensioenfondsen gaat opleveren, moet nog blijken, maar dat er verdere stappen gezet gaan worden is vrijwel zeker.

En dan zijn er natuurlijk nog de nieuwe Europese disclosure-vereisten.

Beste bestuurders, dit diner werd een jaar uitgesteld vanwege een zeer zichtbare crisis: de coronacrisis. Maar ik denk dat we gerust kunnen stellen dat een minder zichtbare crisis, de klimaatcrisis, er het voorbije jaar niet kleiner op geworden is. We moeten er niet omheen draaien. We moeten aan de slag om de klimaatuitdagingen aan te pakken. Nu. Met ons allen. Met wat we nu al hebben, met wat we nu al weten, met wat we nu al kunnen. En vandaar uit verder werken.

Vanavond is alvast een stap in de goede richting. Ik kijk uit naar onze gesprekken.

Dank jullie wel.